Purmerend krijgt dit jaar €27.454 van het rijk voor lokale politieke partijen. Dat geld komt via het gemeentefonds en is bedoeld om partijorganisaties te versterken. Denk aan scholing, ledenwerving, politieke participatie en verkiezingsactiviteiten.
Het college kiest ervoor het bedrag te verdelen naar het aantal zetels. Elke raadszetel levert een partij €742 op. Een partij met één zetel krijgt dus €742. Een partij met zes zetels krijgt €4.452.
Raadslid Melvin Smid (LMS) vraagt nu waarom het college daarvoor kiest. Volgens hem gaat het geld niet naar fractieondersteuning of naar individuele raadsleden, maar naar de partijorganisatie. Dan is het volgens hem de vraag of een verdeling naar zetels wel het eerlijkste model is.
De aanleiding is een bericht aan de raad van burgemeester Ellen van Selm van 5 oktober. Daarin staat dat de Purmerendse regeling is gebaseerd op een model van de VNG, de landelijke vereniging van gemeenten. Alle partijen die bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen minimaal één zetel haalden, kunnen subsidie aanvragen.
Smid wijst ook op een brief van Volt-raadslid Elsbeth Westerman uit Zeist. Zij pleit juist voor een gelijke verdeling per gekozen partij. De VNG schrijft in die brief dat gemeenten van het model mogen afwijken en lokaal maatwerk kunnen toepassen.
Daar zit de politieke vraag. Grote partijen krijgen met de gekozen verdeling meer geld omdat zij meer zetels hebben. Kleine partijen krijgen minder, terwijl ook zij een partijorganisatie moeten onderhouden en leden moeten werven.
Smid wil dat het college voor 2027 ook andere verdeelmodellen op tafel legt. En dat de raad daarover beslist voordat het geld opnieuw wordt verdeeld.